- 225 g roomboter, op kamertemperatuur
- 150 g witte basterdsuiker
- 150 g lichtbruine basterdsuiker
- 5 g zout
- 45 ml karnemelk
- 500 g bloem (liefst Zeeuwse bloem)
- 20 g bakpoeder
- 1 tl versgeraspte nootmuskaat
- Meng de boter met de suiker en het zout in een kom.
- Voeg de karnemelk toe en kneed tot een homogeen mengsel.
- Zeef de bloem, het bakpoeder en de nootmuskaat erboven en roer tot een mooi deeg.
- Maak een bol van het deeg en wikkel het in huishoudfolie.
- Laat het een dag of twee rusten in de koelkast.
- Haal het deeg een uur van tevoren uit de koelkast.
- Snijd het in vier delen.
- Werk met één deel en houd de rest koel.
- Kneed het stuk deeg waar u mee werkt licht door tot het soepel is.
- Vorm er met behulp van een speculaasplank mooie vormpjes van.
- Ga door met de overige stukken deeg.
- Leg de koekjes op een met bakpapier beklede bakplaat.
- Bak ze in een op 150 graden voorverwarmde oven in dertig minuten mooi lichtgoud.
- Laat de koekjes afkoelen en hard worden op een koekjesrooster.
Energie 280 kcal
Vet 14 g
Koolhydraten 35 g
Suiker 18 g
Vezels 1.5 g
Eiwitten 4 g
Zout 0.3 g
Vet 14 g
Koolhydraten 35 g
Suiker 18 g
Vezels 1.5 g
Eiwitten 4 g
Zout 0.3 g